Advies

Specialistische adviezen en tastbare oplossingen voor schoolleiders, bestuurders en toezichthouders

Advocaten & Juristen

Ondersteuning door de huisjurist voor het christelijk onderwijs. Met juridische helpdesk voor snel en praktisch advies

Academie

Onderzoek, opleidingen en studiereizen op terrein van identiteit, governance en personeelsbeleid

Minister reageert op kritische brief nummer 1-school

16 februari 2012 - 14:20 | Leen Kroos, rector van 'de beste school van Nederland', gaf minister Van Bijsterveldt een kritische brief mee toen ze op bezoek kwam. Hij vroeg om een betere relatie tussen ministerie en het onderwijsveld en om een meer consistente lijn. De minister reageert in onze nieuwsbrief: "De politieke en financiële realiteit dwingt mij ertoe zeer scherpe keuzes te maken."

Hier leest u de brief die Leen Kroos de minister stuurde. (pdf)

De reactie van de minister:

De brief is zeer openhartig en ik herken de passie die daaruit spreekt voor goed onderwijs voor onze kinderen en de waardering voor de docenten die elke dag daaraan werken. Diezelfde betrokkenheid ervaar ik ook tijdens mijn werkbezoeken en gesprekken met docenten en schoolleiders. Niet alleen herken ik die passie, ik deel haar ook: het is ten diepste mijn drijfveer als minister.

In de afgelopen jaren heb ik nadrukkelijk de keuze gemaakt om heel gericht te werken aan de kwaliteit van het onderwijs. Die keuze leidde in de afgelopen jaren niet tot grote stelselwijzigingen en nieuwe concepten, maar veeleer tot een gerichte aanpak. Ik ben ervan overtuigd dat een dergelijke aanpak tot betere resultaten leidt. Het had en heeft nog steeds alles te maken met het - waar mogelijk - versterken en verder verantwoord uitbouwen van ons goede onderwijsstelsel. De afgelopen jaren heb ik daarvoor, eerst in de functie van staatssecretaris, nu als minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in overleg met het veld hoofdlijnen geschetst, kaders gesteld en ruimte (binnen de mogelijkheden ook in financiële zin) geboden.

Mijns inziens biedt het Actieplan Beter Presteren en het daaraan gekoppelde Bestuursakkoord 2012-2015 dat ik in de afgelopen maand met de vo-scholen heb gesloten een goed kader. Aan alle scholen wordt een aanvullend bedrag beschikbaar gesteld om met de prioriteiten uit het akkoord aan de slag te kunnen gaan en er wordt veel ruimte geboden om dit naar eigen inzicht én passend bij de eigen schoolomstandigheden te doen. Deze doelen en manier van werken zijn consistent met mijn beleid als staatssecretaris en 'regelvrijer' dan in het verleden het geval was.

Ik vind het jammer, dat de indruk is ontstaan dat ik 'tijdens de wedstrijd de spelregels verander'. Er is immers sprake van een consequente beleidslijn: uitgaan van gezamenlijke ambities en het stellen van heldere normen met daarbinnen veel ruimte voor eigen keuzes, om gericht te werken aan het verbeteren van de kwaliteit van ons onderwijs. Op deze wijze wordt volgens mij juist niet gezwicht voor de waan van de dag, maar wordt er gewerkt vanuit een samenhangende visie op (duurzame) kwaliteit van ons onderwijs.

Als hiermee echter gedoeld wordt op het gewijzigde wetsvoorstel over de onderwijstijd, dan kan ik niet anders dan vaststellen dat wij met elkaar delen, dat het door mij oorspronkelijk ingediende wetsvoorstel de voorkeur verdiende. Maar net als een ieder in het onderwijs heb ook ik te maken met het feit dat de democratie uiteindelijk in Nederland het laatste woord heeft. Ik zou overigens niet anders willen!

Als minister heb ik, evenals de scholen, dagelijks te maken met lastige afwegingen rond verschillende belangen en standpunten. De politieke en financiële realiteit dwingt mij ertoe zeer scherpe keuzes te maken. Ik kan me heel goed voorstellen dat niet elke uitkomst door een ieder gewaardeerd wordt. Wat echter voor mij buiten kijf staat, is dat de we een gezamenlijk doel nastreven, namelijk: Goed onderwijs voor al onze leerlingen. Niet alleen onderwijs dat het beste uit alle leerlingen haalt, maar ook onderwijs dat alles uit de beste leerlingen haalt. We weten dat hiervoor nog volop kansen liggen. Die uitdaging heb ik voor ogen met het motto 'de lat omhoog' en in alle eerlijkheid: Zijn we dat niet aan onszelf en aan onze kinderen verplicht?

Ik betreur de schijnbare tegenstelling die is ontstaan waar het gaat om het nastreven van dit gezamenlijke doel . Ik ga heel graag de uitdaging aan om in de komende tijd - waar nodig - nog intensiever met elkaar samen te werken aan het beste onderwijs voor onze leerlingen.

Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart
Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap