Advies

Specialistische adviezen en tastbare oplossingen voor schoolleiders, bestuurders en toezichthouders

Advocaten & Juristen

Ondersteuning door de huisjurist voor het christelijk onderwijs. Met juridische helpdesk voor snel en praktisch advies

Academie

Onderzoek, opleidingen en studiereizen op terrein van identiteit, governance en personeelsbeleid

Recht op een bovenwettelijke uitkering

24 maart 2011 - 15:35 | Als een werknemer buiten het onderwijs gaat werken kan er dan nog een recht ontstaan op een bovenwettelijke uitkering?

Het antwoord
Die mogelijkheid bestaat inderdaad en is voor het vo geregeld in art. 17 van de WOVO en voor het po in art. 17 van het BBWO.

De achterliggende gedachte is dat, indien zo’n regeling niet zou bestaan dit voor  werknemers in het onderwijs een belemmering zou vormen een baan buiten het onderwijs te aanvaarden. Zij zouden dan immers een – mogelijk heel lang uitkeringsrecht- zomaar kwijt kunnen raken. 

Het recht op de bovenwettelijke uitkering kan ontstaan als de werknemer een werkloosheidsuitkering geniet na een baan in het onderwijs, vervolgens buiten het onderwijs aan de slag gaat en dan opnieuw werkloos wordt. Het kan ook ontstaan als de werknemer na de onderwijsbaan niet werkloos wordt, maar direct of eventueel na een periode zonder uitkering buiten het onderwijs gaat werken.

De bovenwettelijke uitkering komt ten laste van de werkgever waar het uitkeringsrecht is ontstaan (voor het po kan dat het participatiefonds zijn). Constructies waarbij een werknemer na een baan in het onderwijs een outplacementtraject krijgt waarbij hij in dienst komt van een uitzendbureau, verzekeren de onderwijswerkgever er dus niet van dat hij van de bovenwettelijke uitkering af is. Voor de werkgever in het po blijft het van belang ook een werknemer die een baan buiten het onderwijs aanvaardt te melden voor de instroomtoets. Het bovenwettelijk uitkeringsrecht kan -indien gewenst- worden afgekocht.